email:bsteunenberg@almere-bestuur.nl B.Steunenberg
Patrijslaan 1
036 5384430
SCHRIFTELIJKE VRAGEN AAN HET
COLLEGE
|
RG
#
(In te vullen door de raadsgriffie) |
Datum: 6 september 2004 |
|
Aan de voorzitter van de raad. |
Steller vragen: B.Steunenberg namens de CDA fractie |
Onderwerp : rechtsgeldigheid bezwaarschriften TBS kliniek |
|
Het college wordt verzocht de volgende vraag schriftelijk
te beantwoorden: In het belang van alle burgers
van Almere vragen wij u de bezwaarschriften inzake
de TBS kliniek, die de bewoners van de Striphelden buurt per e-mail aan de
gemeente hebben verzonden, ontvankelijk te verklaren, waarbij impliciet uw
advies aan de raadsleden, om bovengenoemde bezwaarschriften als niet
ontvankelijk te beschouwen, komt te vervallen dan wel wordt ingetrokken. |
|
Toelichting: Onlangs hebben bewoners van de
Stripheldenbuurt in Almere Buiten bezwaar aangetekend tegen het aanpassen van
het bestemmingsplan, met als doel de bouw van een TBS kliniek in de
Stripheldenbuurt mogelijk te voorkomen. De bezwaarschriften waaraan hier
wordt gerefereerd, werden door de bewoners per e-mail aan de gemeente Almere
verstuurd. Naar het CDA heeft begrepen zou
het College van mening zijn dat deze bezwaarschriften als niet ontvankelijk
moeten worden beschouwd, omdat ze elektronisch, in dit geval per e-mail,
werden verstuurd en niet van een originele handtekening waren voorzien. Het
College zou om die reden de gemeenteraad willen voorstellen deze
emailberichten eveneens als niet ontvankelijk te beschouwen. Het CDA merkt op dat de veronderstelling dat aan een
document dat elektronisch is verstuurd, waarbij een originele handtekening
ontbreekt, geen rechten zouden kunnen worden ontleend, onjuist is. De huidige
wet stelt immers dat aan een elektronisch bericht geen rechtskracht mag
worden ontzegd uitsluitend op grond van de overweging dat de handtekening
elektronisch is. Voor de duidelijkheid: een elektronische handtekening is
ieder identificatiemiddel waarmee de afzender kan worden geďdentificeerd. Dat
impliceert dat een bezwaarschrift dat per e-mail werd verzonden en waarvan de
afzender kan worden geďdentificeerd, rechtsgeldig en derhalve
ontvankelijk is. Daarnaast attendeert het CDA het
College op het feit dat er inmiddels ruimschoots jurisprudentie voorhanden is waaruit
blijkt dat elektronische documenten, voorzien van een elektronische
handtekening, als rechtsgeldig moeten worden beschouwd. Afgezien van het juridisch gesteggel, maakt het CDA bezwaar tegen de wijze
waarop het College meent te moeten omgaan met belangen van burgers.
Allereerst merkt het CDA daarbij op dat het ontbreken van een originele
handtekening nooit een reden kan zijn om een bezwaarschrift niet in
behandeling te nemen. Er is immers geen wet die verbiedt om bezwaarschriften
te behandelen die niet zijn ondertekend. Daarnaast dient de gemeente een
oor te hebben voor bewoners die al in Almere wonen en een beroep doen op die
zelfde gemeente. Het komt ons nu voor dat het College een koers wenst te
varen waarbij de belangen van het College op de eerste plaats komen en de
belangen van burgers op de laatste plaats. Dat is niet elegant en getuigt
bovendien van weinig respect voor die burgers. In het belang van alle burgers van Almere vragen wij u ‘fair play’ te spelen, teneinde recht te doen aan de belangen van onze burgers en derhalve de bovengenoemde bezwaarschriften ontvankelijk te verklaren waarbij impliciet uw advies aan de raadsleden, om bovengenoemde bezwaarschriften als niet ontvankelijk te beschouwen, komt te vervallen dan wel wordt ingetrokken. |
|
Ondertekening en naam, B.Steunenberg - CDA Almere |
U heeft, namens de CDA fractie, bij brief van 6 september 2004 ons college verzocht om de per e-mail ingediende zienswijzen omtrent het bestemmingsplan 3T 'Stripheldenbuurt' van toekomstige bewoners van de Stripheldenbuurt (zij hebben bezwaar tegen vestiging TBS kliniek), ontvankelijk te verklaren en in behandeling te nemen. U heeft tevens gevraagd om ons voorgenomen advies aan de raad, om deze e-mails buiten beschouwing te laten, in te trekken.
In antwoord op deze vragen en mede in het licht van de op de vraag gegeven toelichting merken wij het volgende op.
Allereerst is van belang op te merken dat de uiteindelijke beslissing inzake het wel of niet in behandeling nemen van de ontvangen e-mails door de raad wordt genomen bij de beslissing rond vaststelling van het ontwerp bestemmingsplan 3T "Stripheldenbuurt".
Ons college is inderdaad voornemens om de raad voor te stellen de betreffende e-mails buiten beschouwing te laten en derhalve niet in behandeling te nemen als zienswijze (ingediend omtrent het ontwerp bestemmingsplan). Dat voorstel wordt met name gedaan omdat het schriftelijk indienen van zienswijzen omtrent een (ontwerp) bestemmingsplannen juridisch nog niet zonder meer plaats kan vinden via een e-mail. Ook hebben een aantal praktische argumenten tot het voorstel geleid.
Wij hebben niettemin onderzocht of de ingediende e-mails toch en alsnog (en expliciet) als een zienswijze in behandeling kunnen worden genomen. De conclusie van dat onderzoek moet echter luiden dat het op dit moment nog niet mogelijk is. Ook niet nu juist onlangs de Algemene wet bestuursrecht is aangepast die beoogt het mogelijk te maken dat elektronisch verkeer tussen de burger en Overheid plaatsvindt.
Hieronder volgt een toelichting op onze overwegingen en ons onderzoek.
1. Juridisch kader
Op 1 juli 2004 is de Wet elektronisch bestuurlijk verkeer in werking getreden. Daarmee is de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gewijzigd. De wijziging van de wet houdt onder andere in dat het woord 'schriftelijk' nu ruimer wordt uitgelegd, zodat nu ook elektronisch verkeer daar onder valt. Het is echter niet zo dat nu zonder meer alle elektronisch ingediende geschriften kunnen worden ontvangen als een document met juridische status, bijvoorbeeld als zienswijze omtrent een bestemmingsplan.
In een nieuwe afdeling 2.3 in de Awb staan spelregels die bij het elektronisch verkeer moeten worden nageleefd. Zo moet bijvoorbeeld zowel de burger als het gemeentebestuur akkoord gaan met het openstellen van een digitale weg en mag bijvoorbeeld de papieren weg niet worden afgeschaft. Als burgers en bestuur een akkoord hebben dan zal aansluitend ook nog voldaan moeten zijn aan de vereisten van betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid en de beginselen van behoorlijk IT-gebruik. Het is aan het gemeentebestuur om die (nog enigszins abstracte) begrippen nader in te vullen.
Overigens vindt er al elektronisch verkeer plaats tussen burger en overheid, bijvoorbeeld via het digitale loket (www.almere.nl). Zo is het mogelijk om via de mail vragen te stellen. In het algemeen staat de elektronische weg open om snel praktische informatie uit te wisselen. Zodra het contact tussen burger en het gemeentebestuur een formeel karakter krijgt (indienen bezwaar of kenbaar maken zienswijzen) wordt er 'overgeschakeld' op schriftelijk verkeer (al dan niet parallel aan het e-mail verkeer).
Elektronisch verkeer is in het kader van bestemmingsplanprocedures (nog) niet open gesteld. In bekendmakingen in Almere Vandaag wordt dan ook vermeld dat zienswijzen omtrent een bestemmingsplan schriftelijk, met expliciete vermelding van de postadresgegevens van de gemeente, kunnen worden ingediend.
Op dit moment wordt de mogelijkheid en wenselijkheid van het elektronische verkeer (met name het maken van bezwaar en het indienen van zienswijzen) binnen de gemeente onderzocht opdat er duidelijkheid komt omtrent al dan niet openstellen van elektronisch verkeer op verschillende vlakken binnen het gemeentelijk apparaat.
Het openstellen van de elektronische weg is niet met één druk op de knop geregeld. Daarover moeten afspraken worden gemaakt en het moet ook technisch mogelijk zijn. Wat moet bijvoorbeeld worden gedaan of wat zijn de gevolgen als een e-mail in het geheel niet wordt ontvangen (als gevolg van een storing) terwijl de verzender daarvan niet op de hoogte is; hoe moet een e-mail beveiligd worden (privacy); hoe valt te achterhalen dat de indiener van de e-mail ook daadwerkelijk de indiener is; hoe wordt (als dat noodzakelijk is) de ondertekening geregeld (elektronische handtekening). Kan er per geval een apart e-mailadres worden geopend en wie beheert dat adres?
2. E-mail in behandeling nemen als zienswijze
Ook voor de invoering van de nieuwe wet (wijziging Awb) werden incidenteel via e-mails zienswijzen of bezwaarschriften ingediend. Omdat dat wettelijk niet mogelijk was werd in dat geval de gelegenheid geboden om het gebrek te repareren en alsnog per brief (en dus schriftelijk) te reageren. Dit kon alleen als dit gebrek nog binnen de wettelijke termijn kon worden hersteld (zie uitspraak Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State AB 2004/34, 10 september 2003, Nr. 200205743/1).
De e-mails van de betreffende bewoners zijn op de laatste dag van de termijn ontvangen. Het was dan ook niet mogelijk om deze mogelijkheid te bieden.
Een vervelende bijkomstigheid is dat e-mails veelal aan verschillende afdelingen binnen de organisatie worden gericht, niet systematisch zijn geregistreerd (zoals wel bij brieven gebeurd) en niet zijn voorzien van volledige (adres) gegevens en/of zijn voorzien van nog niet bestaande adresgegevens, van nog niet opgeleverde woningen.
3. Andere overwegingen
Naast de e-mails zijn 28 brieven van bewoners ontvangen. Deze brieven zijn binnen de termijn ontvangen en zijn derhalve als zienswijzen op het bestemmingsplan behandeld.
De ingediende brieven zijn bijna allemaal afgeleid of zelfs gelijk aan een standaardbrief zoals die is opgesteld door het actiecomité TBS/Nee. Op de website van het actiecomité staat die voorbeeldbrief ook.
De ontvangen e-mails zijn ook vrijwel identiek aan de ingediende brieven van die bewoners.
Inhoudelijk zijn de e-mails dus meegenomen met de behandeling van de schriftelijke zienswijzen. De belangen van de indieners van de zienswijzen per e-mail worden dan ook inhoudelijk meegewogen.
Daarnaast is er (ambtelijk) door de provincie aangegeven dat indien er in het kader van de verdere bestemmingsplanprocedure, bedenkingen worden ingediend door degenen die eerder zienswijzen per e-mail hebben ingediend, deze door de provincie worden meegenomen met de beoordeling omtrent goedkeuring van het bestemmingsplan. Dit leidt tot de conclusie dat de belangen van de burger c.q. de rechtsbescherming niet geschaad worden als gevolg van het buiten beschouwing laten van de e-mail.
samenvattend
Op grond van het bovenstaande is geconcludeerd dat het niet mogelijk was om e-mail als zienswijze te beschouwen en daarom buiten beschouwing dient te worden gelaten.
Niettemin moet daarbij bedacht worden dat inhoudelijk de standpunten meegenomen worden bij de vaststelling van het bestemmingsplan, omdat de inhoud van de e-mails overeenkomen met de inhoud van de ingediende brieven.
Wij zullen dit standpunt meenemen in ons voorstel tot vaststelling van
het bestemmingsplan en voorleggen aan de gemeenteraad.
16 november 2004